DIVERSE


Offerte

 

Brand voorkomen thuis

De verwoestende kracht van vuur onderschat bijna iedereen. Wist u dat een kleine brand in een papiermandje in amper 6 minuten tijd kan uitgroeien tot een onbeheersbare brand die zich geweldig snel uitbreidt? Beeldt u zich in dat u op zo’n korte tijd alles kwijt bent? Uw huis, uw inboedel, de vaak kleine maar dierbare souvenirs, ...

Nochtans, brand kunt u in de meeste gevallen voorkomen. Gewoon door enkele eenvoudige organisatorische maatregelen te treffen.

Met dit artikel willen wij u daarbij helpen.

Vier basisgegevens bij brand

Voor de mens is vuur niet het meest bedreigende onderdeel van een brand.
Er zijn vier basisgegevens die veel gevaarlijker zijn en die u zeker moet weten.

Rook is pikzwart

Rook is donker en verspreidt zich zo snel dat u zelfs in uw eigen woning compleet gedesoriënteerd raakt.

Rook en gassen zijn verstikkend

In heel veel gevallen zijn niet de vlammen dodelijk, maar wel de rook en het gas. Rook bevat koolstofmonoxide, een gas dat mensen bedwelmt.
Vandaar dat een rookdetector in huis uw eerste verdedigingsmiddel is. In een woningbrand vatten daarenboven heel wat zaken waarin kunststoffen zijn verwerkt vuur. Zo worden allerlei giftige gassen gevormd.

Hitte is dodelijk

De hitte die vrijkomt bij een brand gaat elke voorstelling te boven: ze kan oplopen tot 1 200 °C. Dat overleeft geen mens. Al vanaf een temperatuur van 65 °C functioneert het lichaam niet meer.

U hebt geen tijd

Bij een brand speelt de tijd in uw nadeel. In een handomdraai kan heel uw woning in lichterlaaie staan. Verlaat een brandend huis dus meteen. Hebt u van tevoren een vluchtplan bedacht? Dan maakt u meer kans om ongedeerd uit uw brandend huis te komen.

Hoe ontstaat brand?

Brand ontstaat wanneer drie elementen samen aanwezig zijn: zuurstof, een brandbare stof en een ontstekingsbron. Deze elementen worden dikwijls voorgesteld in de vorm van een vuurdriehoek.

Roken

Roken in bed, in een zetel of op een zitbank. Ogenschijnlijk zonder gevaar. Maar het kan anders uitdraaien.

Concreet:

Laat op de avond, of ’s nachts na een avondje stappen, of nadat u medicijnen of slaapmiddelen hebt ingenomen, is de kans groot dat u in slaap valt. Uw brandende sigaret kan op het hoofdkussen of op de zitbank vallen en daar beginnen te smeulen.
Wist u dat een sigarettenpeuk 3 tot 4 uur kan smeulen voordat er echt een brand ontstaat? Dat wil zeggen lang nadat iedereen naar bed is en slaapt. En als het één keer zover is, is er geen houden meer aan.

Koken

In de keuken dreigt permanent brandgevaar.

Potten en pannen blijven wel eens zonder toezicht op het vuur staan. De frietketel staat bijvoorbeeld naast andere potten en pannen op de kookplaat van het fornuis. De deurbel is genoeg om u even uit de keuken te halen.

Of een van de kinderen roept u.

Het is ook helemaal geen goed idee om tijdens de late uurtjes, bijvoorbeeld na een uitstap, nog te koken. Het zou niet de eerste keer zijn dat de ‘kok van dienst’ in slaap valt en dat de frietketel of het eten in de pan vuur vat.

Verwarmingstoestellen

Brand wordt hier meestal veroorzaakt door brandbare materialen die te dicht bij of op een verwarmingstoestel liggen of staan. Ze kunnen, door direct contact of door de stralingswarmte, op korte of langere tijd ontvlammen.

Denk maar aan een stapel kranten op de elektrische verwarmingsaccumulator, linnen op een droogrek voor de kachel, een paraplu op of tegen het verwarmingstoestel, enz. En dat zijn maar enkele voorbeelden.

Elektriciteit

Als alle elektrische huishoudtoestellen, de verlichting in huis, hifi-apparatuur en dergelijke perfect geïnstalleerd zijn en correct worden gebruikt, is er meestal geen vuiltje aan de lucht. Maar ... vaak worden installatievoorschriften en gebruiksinstructies niet nageleefd. Oververhitting van de elektrische spots in het plafond van een werk- en leeskamer kan brand veroorzaken.

Let ook op met het gebruik van zogenaamd ‘gemakkelijke’ oplossingen, zoals verdeelstekkers: zij zorgen voor overbelasting van het elektrisch circuit.

Schouwen

Schouwbranden zijn algemeen bekend. In veel gevallen is de veiligheidsafstand rond rookkanalen niet gerespecteerd of is bij het installeren geen rekening gehouden met de regels van goed vakmanschap.

Voorbeeldje:

Een huurder plaatst een houtkachel in zijn woning en stookt daarin al wat van hout is: geverfd hout, hout met plastic eromheen, ... Hij ‘vergeet’ de schouw jaarlijks te laten vegen. Alles verloopt probleemloos, tot een nieuwe huurder in de woning komt, een gezin met vier kinderen. Ze stoken vaker, harder en langer. En op een koude namiddag is het zover: er ontstaat een schouwbrand.

Brand voorkomen

Onwetendheid, onvoorzichtigheid en onachtzaamheid: de drie oorzaken van brand. Hoe kunt u zich hiertegen wapenen? U kunt een heleboel vrij eenvoudige maatregelen treffen om brand te voorkomen. Eigenlijk komt het erop aan de drie elementen van de vuurdriehoek, namelijk zuurstof, een brandbare stof en een ontstekingsbron, goed uit elkaars buurt te houden. Gemakkelijk gezegd. Maar de praktijk geeft vaak een totaal ander beeld. Kijk maar eens rond in uw eigen huis. En ga voor uzelf na of u de volgende zaken respecteert.

Brand Orde en netheid zijn een eerste vereiste voor een brandveilige omgeving. Gooi dus oude rommel weg en breng ongebruikte restjes van brandbare producten naar het containerpark.
Brand Als u vuur maakt, doe dat dan steeds in een brandveilige omgeving. Plaats bijvoorbeeld een kaars in een degelijke kandelaar en een fonduestel op aluminiumfolie met opstaande rand.
Brand Houd lucifers en aanstekers buiten het bereik van kinderen. Vuur fascineert hen. Vraag uw jongste maar even waar u de lucifers bewaart: hij weet het precies. Veel branden ontstaan door kinderen die met vuur spelen.
Brand Bewaar brandbare producten nooit bij elkaar, anders creëert u de perfecte omgeving voor brand.
Giet gevaarlijke producten nooit over in een andere fles, maar bewaar ze steeds in hun oorspronkelijke verpakking. Op het etiket staat immers vermeld welk gevaar het product inhoudt en hoe u het veilig moet gebruiken en bewaren.
Brand Installeer spots en halogeenlampen in een brandveilige omgeving. Ze worden heel warm en kunnen brand veroorzaken door oververhitting.
Brand Laat de schoorsteen jaarlijks vegen om schoorsteenbrand te voorkomen. Als te veel roet zich ophoopt aan de binnenkant van de schouw, kan deze ontbranden door de hitte van de rook die erlangs gaat.
Brand Laat het elektriciteitsnet in uw woning om de tien jaar grondig nakijken door een vakman of een keuringsbedrijf. Zij kunnen beoordelen of alles in orde en brandveilig is. Zo’n controle is trouwens verplicht om de 25 jaar.
Brand Zorg dat u een blusmiddel bij de hand hebt als u met vuur of ontvlambare producten werkt.
Een branddeken, water uit de tuinslang of een natte dweil is vaak al genoeg om een beginnende brand te doven.
Brand Volg nauwgezet de instructies en waarschuwingen op van de handleiding bij kachels, openhaardcassettes en allerlei soorten centrale en individuele verwarmingstoestellen en toestellen voor bijverwarming.
Hang nooit linnen te drogen op of nabij een verwarmingstoestel.
Brand Volg nauwgezet de richtlijnen van de handleiding over de veiligheidsafstand tussen een elektrisch toestel en de muur, in het bijzonder bij koel- en diepvrieskasten en rond televisietoestellen. Doordat er onvoldoende ventilatie is, raken de toestellen oververhit.
Houd de bovenkant van uw toestellen vrij.
Brand Ledig een asbak nooit zomaar in de vuilniszak. Installeer daarvoor speciaal een emmertje of een bloempot met zand. Want u weet maar nooit of er nog iets nasmeult.
Brand Als er in de keuken potten en pannen op het vuur staan, bent u daarmee bezig en met niets anders.
Twee dingen tegelijk doen, leidt tot gevaarlijke situaties.

De rookmelder: de enige die u altijd wekt wanneer het brandt

RookmelderDenkt u dat rook u zeker zal wekken als het bij u thuis brandt?
Weet dat dit niet zo is. Waarom?
Omdat rook een gas bevat dat kleur- en geurloos is: koolmonoxyde. Dat brengt u juist in een diepere slaap. Omdat bij een brand veel zuurstof verbruikt wordt en ook vaak giftige gassen vrijkomen, zijn de slachtoffers meestal al gestikt vooraleer de vlammen hen bereiken. Als er ’s nachts brand uitbreekt, hebt u bijgevolg weinig kans om te ontsnappen: rook verspreidt zich heel snel, zodat iedereen, ook uw huisdieren, binnen een korte tijd bedwelmd raken.
Wie waarschuwt en wekt u dan? De rookmelder.
Een rookmelder is een klein apparaat dat de lucht bewaakt. Zodra hij verbrandingsrook waarneemt, slaat hij alarm met een luide sirene. Zo kunt u tijdig uw woning verlaten en de brandweer verwittigen. Wist u dat het in sommige staten van de VSA en in een aantal Scandinavische landen bij wet verplicht is rookmelders in huis te plaatsen? Omdat dit in België nog niet zo is, hopen wij u met deze informatie te overtuigen van het belang ervan.

Twee types

Er worden in ons land twee types van rookmelders in de handel aangeboden, met een duidelijk prijsverschil tussen de twee: de optische en de ionische rookmelder. Bij de optische rookmelder wordt de lichtinval op de sensor gereduceerd, of de lichtbundel wordt weerkaatst, gebogen en gebroken als er rookgassen in de detector binnendringen. Via een elektronische schakeling treedt dan het alarmsignaal in werking.
De ionische rookmelder bevat een kleine en heel zwakke radioactieve bron die een ionenstroom opwekt. Ionen zijn geladen atomen of moleculen. Als er rookgassen in de detector binnendringen, verminderen ze de geleidbaarheid van de geïoniseerde lucht. En via een elektronische schakeling wordt het alarmsignaal geactiveerd.

Welk type installeren?

Beide types van rookmelders doen het goed om een begin van brand te melden. Maar elk type heeft zijn voor- en nadelen.
Zo reageert de optische rookmelder beter op smeulbranden, terwijl de ionische rookmelder gevoeliger is voor branden met een echte vlam.
Omdat veel branden ’s nachts ontstaan uit smeulende stoffen, zijn optische rookmelders het meest aangewezen.
Ionische rookmelders bevatten bovendien een radioactieve bron die enkel tegen een hoge kost vernietigd kan worden.
Daarom geldt in een aantal Europese landen (onder andere Luxemburg) alvast een verbod om nog langer ionische rookmelders in de handel aan te bieden.
In de keuken en in de badkamer kunnen rookontwikkeling en waterdamp zorgen voor veelvuldig ongewenst alarm als u daar een rookmelder hangt. Een hittemelder is hier meer aangewezen. Deze reageert op een te hoge luchttemperatuur.

Praktische wenken

Brand De rookmelder werkt op batterijen. Wanneer de batterij leeg is, geeft de melder een signaal. Tijd om de batterij te vervangen.
Brand Bevestig een rookmelder steeds tegen het plafond, want rook stijgt.
Brand Een rookmelder kunt u heel eenvoudig en discreet ophangen: het is een onopvallend wit doosje, niet groter dan een sigarenkistje. U bevestigt hem gewoon met enkele schroeven in het plafond.
Brand Doe een luistertest: ga na of u het alarm hoort tot op uw slaapkamer met de deur dicht en de radio aan.
Het is van levensbelang dat de sirene van de melder u uit uw slaap kan wekken.
Brand Houd uw rookmelder stofvrij. Als u hem jaarlijks stofzuigt aan de buitenkant, voorkomt u dat het stof de gleufjes verstopt en zo de rook verhindert binnen te dringen in het apparaat.
Brand Test uw rookmelder af en toe door op de testknop te duwen. Zo wordt u gewend aan het alarmsignaal en herkent u het meteen, als het ooit afgaat.
Brand De rookmelder is ook nuttig bij uw zoon of dochter op kot.

Waar hangt u rookmelders?

JUIST

  • één op de gang in de buurt van de slaapkamers
  • en zeker één op elke verdieping van uw woning
  • in elke slaapkamer een rookmelder als de deuren ’s nachts dichtgaan
  • voor een verhoogde veiligheid ook in de zitkamer en andere kamers.

FOUT

  • in de buurt van een open raam of een ventilatiegat: de rook wordt er weggeblazen
  • in de badkamer of de keuken: een rookmelder maakt geen onderscheid tussen condensatiedampen en rook van een brand
  • in stookplaatsen of koele ruimtes: een rookmelder functioneert niet goed meer bij een temperatuur van minder dan 4 °C en van meer dan 38 °C
  • in de garage: uitlaatgassen van auto’s kunnen het alarm doen afgaan.

Soorten brand en de blusmiddelen

Hoe groot de brand ook is, hij is altijd klein begonnen. Daarom is het van levensbelang om een brand zo snel mogelijk te blussen. Bij het blussen hangt alles af van het juiste blusmateriaal. Blussen berust op het principe dat u één van de drie elementen uit de vuurdriehoek wegneemt.

Bijvoorbeeld:

  • Als u de gaskraan van het fornuis dichtdraait, gaat de brander uit: u haalt de brandstof weg.
  • Met een branddeken dooft u het vuur in een brandende pan: u haalt de zuurstof weg.
  • Met water kunt u de boel afkoelen: u haalt de warmte, de energie weg.

Branden worden in klassen ingedeeld. Elke klasse of soort brand bestrijdt u met andere middelen.

Brandklasse A

A-branden zijn branden van vaste stoffen zoals hout, textiel, papier, enzovoort.
Het meest gebruikte blusmiddel hiertegen is water,omdat het snel afkoelt en blust. Bluspoeder en blusschuim uit een brandblusser kunnen hier ook. Bluspoeder en blusschuim grijpen in op de verbrandingsreactie en vormen een afdekkende laag over de vaste stof, waardoor zuurstof wordt verdrongen.

Brandklasse B

B-branden doen zich voor in het mengsel van damplucht dat zich boven het oppervlak van een brandbare vloeistof bevindt. Bijvoorbeeld boven vetten, verdunners en oliën. Om een B-brand te blussen is verstoring van het verbrandingsproces of het afdekken van de vloeistof noodzakelijk.
Poeder, schuim en koolzuursneeuw zijn hier geschikte blusmiddelen.

Brandklasse C

C-branden zijn gasbranden, bijvoorbeeld aardgas, propaan,butaan. Voor kleine gasbranden zijn koolzuursneeuwblussers geschikt. Voor grotere branden is poeder geschikt. Sluit alvorens te blussen de gastoevoer af om een gasexplosie te voorkomen.

Welk blusmiddel?

Draagbare brandblussers, branddekens en brandhaspels zijn eerste interventiemiddelen die u, bij een kleine brand, zelf kunt gebruiken. Ze zijn niet wettelijk verplicht in een woning. Maar toch is het nuttig dat u minstens één blusmiddel in huis hebt en dat u weet hoe u het moet gebruiken.
Zoals voordien uitgelegd zijn niet alle blusmiddelen geschikt voor elke brand. Het komt erop aan het juiste blusmiddel te kiezen. U krijgt een overzicht van drie blusmiddelen en telkens verneemt u voor welke branden ze zijn bedoeld.

Brand Brand Brand Brand

Branddeken

In de keuken hangt u het best een branddeken, op een goed bereikbare plaats.
Een vochtige, katoenen dweil (zeker geen synthetische) is ook bruikbaar als alternatief.
Belangrijk: gebruik nooit water om een frietketelbrand te blussen. Water wordt door de hete olie omgezet in een enorm volume aan stoom die de brandende olie meesleurt. Er ontstaat een vuurbal die niet alleen de brand doet uitbreiden maar ook voor uzelf fataal kan zijn.
Bij een barbecue of een fonduemaaltijd houdt u ook altijd een branddeken bij de hand.
Ook kledingbranden kunt u met een branddeken blussen. Wikkel daarvoor het deken strak om het lichaam, om zo de vlammen te doven. Een jas of een wollen deken is hier een goed alternatief.
Een branddeken zit altijd opgevouwen in een houder. Nadat u de deken gebruikt hebt, is het belangrijk haar terug op te bergen volgens de instructies.

Draagbare blustoestellen

In de handel zijn poederblussers, CO2-blussers en schuimblussers verkrijgbaar. Op alle brandblussers staan letters. Deze geven precies aan voor welke branden de blusser geschikt is.

Een blusser met ABC-poeder kunt u bijna overal gebruiken. Het poeder vormt een korst, zodat de verbranding stopt. Het is niet elektrisch geleidend. Vandaar dat u het ook kunt gebruiken om elektrische toestellen te blussen. Het enige nadeel van poeder: het laat een aanzienlijke hoeveelheid stof achter, dat op zijn beurt aanzienlijke schade kan veroorzaken.
Een poederblusser met BC-poeder is beperkter in gebruik. CO2 verdringt de zuurstof uit de lucht, zodat er geen verbranding meer mogelijk is. Een CO2-blusser gebruikt u het best voor het blussen van elektrische toestellen. Want CO2 is niet elektrisch geleidend en laat geen stofresten achter. Ook voor een beperkte vloeistofbrand is deze blusser geschikt. Het nadeel van dit type van blustoestel: u mag het niet gebruiken in kleine ruimtes waar personen aanwezig zijn. Er bestaat namelijk een kans op verstikking. U kunt het ook niet spuiten op personen omdat CO2 vrieswonden veroorzaakt.
Schuim bedekt het brandende voorwerp met een dunne film die de zuurstof afsnijdt. Een schuimblusser is geschikt om er branden van vaste stoffen en vloeistoffen mee te blussen. Een belangrijk voordeel van de schuimblusser is dat hij geen nevenschade veroorzaakt.
Beveilig uw woning in geen enkel geval met een afgedankte brandblusser uit de wagen. Koop een nieuwe brandblusser die u gemakkelijk kunt dragen en bedienen. Die hangt u op een centrale plaats die altijd bereikbaar is, ook bij brand. Lukt dat niet, plaats dan meer toestellen. Denk bijvoorbeeld aan een eengezinswoning met verdieping:op de verdieping is ook een blustoestel nodig.
De bedieningsinstructies moet u niet alleen lezen, u moet ze ook kunnen toepassen. Denk ook aan controle en onderhoud.

Brandhaspel

Een brandhaspel is een toestel waardoor bluswater onder druk kan gespoten en gericht worden op een kleine brand, via een slang met straalpijp. Met de afsluitbare straalpijp kunt u op twee manieren spuiten: met een sproeistraal of een gebundelde straal. De slang zit opgerold op een trommel. Dit toestel is dus vergelijkbaar met een tuinslang opgerold op een haspel.
Voor een eengezinswoning volstaat het een tuinslang met een sproeistuk bij de hand te hebben die is aangesloten op de waterleiding.
Gebruik water om vaste stoffen te blussen of om een brand onder controle te houden door af te koelen. Als er bijvoorbeeld in een kamer brand ontstaat, kunt u met de tuinslang de deur blijven natspuiten om te voorkomen dat de brand zich verder uitbreidt.
Gebruik nooit water om een schoorsteenbrand te doven. Sluit onmiddellijk de schoorsteenklep, sluit de luchttoevoer af en blus het vuur met zand.
Gebruik ook geen water om elektrische installaties of toestellen te blussen.

Hoe gebruikt u een brandblusser correct?

Brandhaspel

Brand

Efficiënt om te koelen en op gloeiresten
Afstand varieert in functie van de straal

Poeder

Brand

Blusapparaat rechtop houden
Op de basis van de vlammen richten
Onderbroken straal op vaste stoffen
Continu spuiten op vloeistoffen
Snel en efficiënt in geval van vlammen
Blussen vanop 3 tot 4 m afstand

Schuim

Brand

Blusapparaat rechtop houden
Op de basis van de vlammen richten
Onderbroken straal op vaste stoffen
Duurzame blussing: schuimlaag
Efficiënt bij gloeiresten
Afstand varieert in functie van de straal

CO2

Brand

Blusapparaat rechtop houden
Op de basis van de vlammen richten
Spuittrechter vasthouden bij het handvat
Continu spuiten op vloeistoffen
Efficiënt in geval van vlammen
Blussen vanop 1 tot 1,5 m afstand

Wat doen bij brand?

Snel handelen en kalm blijven. Dat wil zeggen:

  • iedereen in huis alarmeren,
  • meteen de woning verlaten,
  • de brandweer bellen: het alarmnummer 100 of 112.

In flatgebouwen ziet u soms rode drukknoppen met het opschrift ‘bij brand indrukken’. Of kleine kastjes met een glas ervoor en erin een hamertje aan een ketting. Dat zijn ofwel handbrandmelders ofwel bedieningsknoppen voor het openen van het rookluik bovenaan de trap. Als u de knop indrukt of het glas stukslaat wordt een algemeen alarmsignaal in werking gesteld of gaat het rookluik open. Hiermee is de brandweer nog niet gealarmeerd. Bel dus altijd nog naar de brandweer.

Hoe het huis verlaten bij brand?

Gebruik al uw energie om te vluchten. Niet om te panikeren. Werk vooraf een evacuatieplan uit voor uw woning of appartement. Dat wil zeggen dat u vooraf met uw huisgenoten afspreekt langs welke weg iedereen veilig en snel naar buiten kan. Wie helpt de jongste? Wie helpt de oudste? Denk aan de aanschaf van een brandladder als dat bij u thuis een oplossing kan bieden. Spreek een plaats af buiten de woning, waar iedereen naartoe gaat. Werk ook een alternatieve route uit voor het geval dat de normale uitgangsweg door brand is versperd.

Evacueren betekent ‘onmiddellijk de ruimte verlaten en op een snelle en veilige manier naar een verzamelplaats gaan.

Onmiddellijk de ruimte verlaten wil zeggen: met de kleren die u draagt en zonder waardevolle of andere voorwerpen mee te nemen. Aarzel niet en vraag u niet af of het wel echt nodig is.

In een appartementsgebouw zijn plaats en richting naar de normale uitgang en de nooduitgang aangeduid door reddingstekens.

Brand

Kruip laag bij de grond met een natte doek voor de mond. Tegen de grond is de lucht minder heet en giftig, kunt u beter zien en is er meer zuurstof aanwezig.
Een tip om bij brand niet gedesoriënteerd te geraken in uw eigen woning: houd altijd met dezelfde hand contact met de muur.

Brand

Blijf weg uit kamers waarvan de deurkruk warm aanvoelt: erachter woedt de brand.
Als u merkt dat bijvoorbeeld de kinderkamer in brand staat en u wilt uw kind redden, open de deur dan gebukt.
De koude lucht wordt langs onder in de kamer gezogen, terwijl de hitte langs boven uit de kamer slaat.

Brand

Houd ramen en deuren gesloten. Verse zuurstof wakkert de brand aan.

Brand

Wanneer u merkt dat er vanuit een brandende kamer rook ontsnapt door het sleutelgat of van onder de deur, doe die deur dan niet open. Toevoer van zuurstof kan in die omstandigheden een explosie veroorzaken.
Deuren zijn een van de beste hindernissen voor brand. Houd ze gesloten om een snelle verspreiding van het vuur tegen te gaan. Staat de gang in brand en u wacht in uw kamer op hulp, leg dan natte handdoeken tegen de kieren van de deur om de rook en de hitte tegen te houden.

Belangrijk na de brand

Brand

Zorg dat uw huis en inboedel goed verzekerd zijn. Als uw wagen niet omnium verzekerd is, kunt u de waarde ervan bij de waarde van uw inboedel rekenen. Zo is ook de auto verzekerd als hij verwoest wordt in een huisbrand.

Brand

Neem foto’s van alle waardevolle stukken die u in huis hebt, bijvoorbeeld meubels, schilderijen. Zo hebt u bewijsmateriaal wanneer ze beschadigd worden.
Bewaar facturen altijd zorgvuldig en op een brandveilige plaats.

Brand

Verwittig bij brand altijd onmiddellijk de brandweer. Brandweerhulp is gratis.
Bel vanop een veilige plaats, van bij de buren of vanuit een telefooncel.

Brand

Neem daarna contact op met uw verzekeringstussenpersoon. Hij vult samen met u het aangifteformulier in en verleent de eerste bijstand.

Na het lezen van dit artikel denkt u misschien:
‘Brandpreventie, daar zou ik inderdaad iets moeten aan doen.
Een gouden raad: doe actief aan brandpreventie. Alleen u staat in voor uw veiligheid en die van uw huisgenoten. Want ook u kunt met brand te maken krijgen.